Jo Benner en haar echtgenoten

Mei 2016
kleurkipstraat

Mijn Rotterdamse roots

Een deel van de kwartierstaat

Bovenstaand schema geeft een deel van mijn stamboom weer die ik hier bespreek. Het is slechts een klein deel en het ziet er ingewikkelder uit dan het is. De crux is dat mijn overgrootmoeder Johanna Cornelia Wilhelmina Benner drie keer getrouwd is geweest. Dat maakt het om schematisch weer te geven wat moeilijker. Als je het schema wat langer bestudeert zal het kwartje snel vallen.

Onderaan sta ik. Daarboven staat mijn moeder, verbonden met een dichte lijn. Boven haar de vader van mijn moeder, weer met een dichte lijn. Dan weer een dichte lijn naar de ouders van mijn grootvader. En daarboven de ouders, Johan Bastiaan en Margaretha, van mijn overgrootmoeder Johanna. De stippellijnen geven de relaties weer.

rotterdam_1861

Moeder en dochter Kamper

Hoe de familie in Rotterdam terecht kwam

Dit is het verhaal van Margaretha Kamper en haar dochter Johanna Cornelia Wilhelmina. Johanna Kamper, later Benner, is mijn overgrootmoeder, de moeder van de vader van mijn moeder. Haar moeder, Margaretha dus, is mijn betovergrootmoeder.

grendadier_1848

Een grenadier ontmoet een dienstmeisje. Zo moet het ongeveer gegaan zijn in Den Haag.

Margaretha Kamper

Margaretha's roepnaam is Grietje en zij is het elfde kind en de jongste dochter van rietdekker Steven Kamper uit Haastrecht. Zij is geboren op woensdag 21 februari 1827. Het hele gezin Kamper woont in de Kerkstraat 141 in Haastrecht, vlakbij de Nederlands hervormde kerk.

Rond haar 10-de is het gezin naar Gouda verhuisd. Grietje gaat op jonge leeftijd, rond haar zestiende vermoedelijk, als dienstmeisje werken bij welgestelde mensen in Den Haag. Haar 6 jaar oudere zuster Cornelia werkt al in Den Haag en heeft haar aan werk geholpen.

Het is het jaar 1845, een jaar waarin een grote hongersnood uitbreekt omdat de aardappeloogst dat jaar volledig mislukt is als gevolg van een plantenziekte. In hetzelfde jaar sterven honderdduizenden Ieren als gevolg van de mislukte oogst en komt de grote emigratie vanuit Europa naar de Verenigde Staten op gang. Ook als gevolg van het tekort aan voedsel breken in verschillende plaatsen in Nederland, waaronder Den Haag, oproeren uit. Mogelijk was Johan daarbij betrokken als ordehandhaver namens koning Willem II.

Johan Bastiaan Benner

Rond die tijd dient Johan Bastiaan Benner in het leger als grenadier. Geboren op zondag 14 mei 1820 is hij dan ongeveer 25 jaar. Een grenadier was een elitesoldaat die goed herkenbaar was aan zijn uniform en hoofddeksel. Grenadiers droegen een zgn. berenmuts, een hoge muts van bont. Het garderegiment Grenadiers en Jagers was gelegerd in de Oranjekazerne aan de Mauritskade in Den Haag. Of Johan ook werkelijk intern in de kazerne woont en werkt is onduidelijk. Zijn ouders komen ook uit Den Haag. Zijn vader, die ook Johan Bastiaan heette, was bloemist en is in 1840 al overleden. Zijn moeder, Maria Schouten, zal uiteindelijk in 1875 overlijden.

Rotterdam 1865

In 1840 overlijdt Johan Bastiaan Benner sr., bloemist in Den Haag. Het feit dat er een rouwadvertentie kon worden geplaatst betekent dat het relatief goed met de Benners ging. En met de advertentie werd niet alleen familie van zijn heengaan op de hoogte gebracht, maar ook klanten en zakenrelaties.
In het bericht vermeldt Maria dat ze 7 kinderen hebben.

Hoe Johan en Grietje elkaar ontmoet hebben zal waarschijnlijk nooit helemaal duidelijk worden. In 1845 is Johan 25 jaar en is Margaretha 18 maar het zal zeker in Den Haag zijn gebeurd. Johan is soldaat, Grietje is in dienst bij rijke Hagenaars en in hun spaarzame vrije tijd zullen ze elkaar ontmoet hebben. Johan is bevriend met Abraham Lagas, een dertigjarige Leidenaar die ook grenadier is.

Johanna Cornelia Wilhelmina Kamper

In april 1847 wordt Grietje, als ze 19 is, zwanger. Ze is ongetrouwd en het zal waarschijnlijk niet gewenst zijn maar op dinsdag 11 januari 1848 wordt haar dochter Johanna Cornelia Wilhelmina geboren, mijn overgrootmoeder. De namen komen van drie zussen van Grietje, ze is blijkbaar gehecht aan haar familie.

De aangifte wordt o.a. door Johan Bastiaan Benner en zijn vriend Abraham Lagas gedaan bij de Burgerlijke Stand van Den Haag.

Bij die aangifte staat vermeld dat hij grenadier is, net als Abraham Lagas. Johanna Cornelia Wilhelmina krijgt uiteraard de achternaam Kamper. Het zijn moeilijke tijden. Johan en Grietje willen bij elkaar blijven maar hebben geen inkomen. Ze besluiten te verhuizen naar Rotterdam waar de haven groeit en er meer kansen zijn op werk en dus geld. Cornelia, Grietje's zuster, en haar echtgenoot Egbertus Everstijn gaan ook mee.

In Rotterdam

Bittere armoede

Op 20 juli 1851 wordt Johan en Grietje’s tweede dochter, Margaretha Cornelia, geboren, in de Schubdevisteeg in Rotterdam. Johanna is dan 3,5 jaar, de leefomstandigheden zijn zwaar. En weer 1,5 jaar later wordt een derde dochter, Wilhelmina Antonia, geboren, ditmaal aan de Schiedamsche Dijk.

In 1853 sterft Margaretha Cornelia, ruim 2 jaar oud. Een jaar later, in 1854, wordt een zoon geboren, Johan Bastiaan. Dan overlijdt in 1855 Wilhelmina Antonia en een klein jaar later sterft ook hun zoontje Johan Bastiaan. Johanna is weer enig kind en is dan 8 jaar oud.

Johanna wordt een Benner

In mei 1857 wordt opnieuw een zoon geboren die weer de namen Johan Bastiaan krijgt. Johanna is dan 9 jaar oud. Blijkbaar gaat het nu wat beter met Johan en Grietje want aan het eind van dat jaar trouwen ze in Rotterdam. De beide kinderen Johanna en J.B. jr. worden door Johan erkent als zijn kinderen en krijgen de achternaam Benner.

Rotterdam groeit en er worden nieuwe wijken gebouwd. In één van die wijken gaan Johan en Grietje wonen. Ze komen terecht op de Coolskade 521 in Rotterdam-Noord net ten noorden van het treinstation van Hollands Spoor. Daar blijven ze wonen tot Johan Bastiaan in 1877 overlijdt.

Grietje krijgt nog 7 kinderen. Slechts twee ervan zullen opgroeien, de anderen sterven voor hun eerste of tweede levensjaar.

schubdevis

De Schubdevisteeg (groen) lag op een plek in Rotterdam vlakbij de Goudse Singel en het Oostplein. Het was wat we nu een achterbuurt zouden noemen, heel slechte huizen, donker, erg ongezond om er te wonen. Op dit kaartje kun je goed zien hoe de woningen werden gebouwd (rood). Tegen elkaar aan, 3 of 4 etages, nauwelijks ramen, vaak alleen een deur. Geen toiletten of keukens, alles gebeurde in dezelfde ruimtes.

In een huis hier kreeg ze haar tweede dochter, Margaretha Cornelia.

Zodra het kon leefden kinderen op straat, er was thuis toch geen aandacht voor ze. Grietje was 25 jaar toen ze hier woonde, Johanna was 4.

Johanna's jonge jaren

Johanna groeit op aan de Coolskade in Rotterdam. Er wonen veel havenarbeiders, vrijwel alle gezinnen in de buurt zijn uit alle windstreken naar Rotterdam gekomen. Hier hopen de mannen werk te vinden om hun gezin te kunnen onderhouden. Johanna wordt ouder en heeft al op jonge leeftijd een vriendje. Als ze 17 jaar is wordt ze zwanger en ze bevalt in 1866 van een dochter, Margaretha, thuis, bij haar ouders op de Coolskade. Haar moeder Grietje is dan ook hoog zwanger en zij bevalt een maand later van Willem Carel Benner, een jongetje dat in december van dat jaar al overlijdt.

Dochtertje Margaretha wordt slechts 2 jaar. Kort daarna wordt Johanna weer zwanger en ze bevalt nu van een zoon, Cornelis Hendrikus in 1869 op de Raamstraat 45. Hij wordt slechts 4 maanden oud.

Johannes Marinus de Swart

Inmiddels heeft Johanna een man gevonden met wie ze op 21 december 1870 trouwt. Of hij de vader is van haar twee inmiddels overleden kinderen is niet duidelijk. Haar echtgenoot heet Johannes Marinus de Swart en is 6 jaar ouder dan Johanna. Mogelijk woonde hij op de Nadorstlaan, een straat dichtbij de Coolskade, aan de andere kant van het station. Mogelijk kenden de vaders van de twee elkaar via het werk.

Het jonge paar trekt bij de ouders van Johanna in op Coolschekade 519 en zij bevalt op 20 juli 1871 van een dochter, Maria Alida. Johannes is pakhuisknecht. Een tweede dochter, Johanna Margaretha, wordt op 26 januari 1873 geboren in de Zandstraat, een beruchte straat in het oude Rotterdam.

Tragedie

Dan op 6 november 1873 overlijdt haar dochtertje Maria Alida en een dag later sterft haar echtgenoot Johannes Marinus, op 31-jarige leeftijd. Wat was hier aan de hand?

Ziekte? Een ongeval? Brand? Toeval? Uit krantenberichten uit die tijd weet ik dat er roodvonk heerste in Rotterdam. Nu een redelijk onschuldige ziekte, toen vaak dodelijk door de slechte hygiëne en de grotere kans op longontsteking.

Johanna blijft met haar jongste kind achter en is weduwe. Ze trekt weer in bij haar ouders op de Coolschekade.

laurenskerk

Intussen ergens anders in Rotterdam ....

Kornelis Trouwborst

Kornelis Trouwborst wordt geboren in 1829 in Ouderkerk aan den IJssel. In 1843 of 1844 gaat het hele gezin van Teunis Trouwborst, de vader van Kornelis, naar Rotterdam. Teunis is schipper. Kornelis is dan 13 jaar. Daar ontmoet hij als 20-jarige jongeman de eveneens 20-jarige Maria Engelina de Swart, de zus van Johannes Marinus de Swart. Johannes is dan pas 7 jaar.

In april 1850 trouwen Kornelis en Maria Engelina. Kornelis woont dan bij zijn ouders in de Banketstraat 226, het gezin van Petrus Josephus de Swart, de vader van Maria en van Johannes, wonen in de Oppert bij de Hoedemakersgang. Hun huwelijk zal 35 jaar duren.

Barbara, de oudste dochter van Kornelis, wordt geboren in 1850 in de Banketstraat 126. Zijn tweede dochter, Maria Engelina, is geboren in 1855, op de Botersloot 546.

Kornelis is eerst sjouwer, dan aardwerker (grondwerker), later heiknecht en heibaas.

Als Johanna Benner en Johannes Marinus de Swart in 1870 trouwen zijn Kornelis en Maria Engelina al 20 jaar getrouwd. Ze hebben twee dochters, Barbara en Maria Engelina. Zo leert Kornelis Johanna kennen. De oudste dochter van Kornelis, Barbara, is slechts 2 jaar jonger dan Johanna. Als Johannes Marinus in 1873 overlijdt is het waarschijnlijk dat er veel contact was tussen de 44-jarige Kornelis en Maria Engelina en Johanna die dan 25 jaar is.

steigersgracht_nu

Uitzicht op de Steigersgracht nu. De foto is genomen vanaf de Soetensteeg, vanaf dezelfde locatie als waarvan de vorige foto is genomen. Weliswaar ziet het er schoon en ruim uit maar de sfeer van de oude stad Rotterdam is totaal verloren gegaan.

Andreas Johannes de Vries

In oktober 1875 wordt opnieuw een dochter geboren, in de Tweede Lombardstraat in Rotterdam. Ze krijgt de naam Cornelia en de achternaam Benner, de meisjes naam van Johanna. Wie de vader is, is niet duidelijk maar mogelijk is dat Andreas Johannes de Vries. Want op 20 maart 1876 trouwen Andreas en Johanna en Andreas erkent Cornelia als zijn dochter en zij krijgt zijn achternaam. Andreas woont in de Leeuwenstraat, Johanna in de 2e Lombardstraat.

HandtekAJdeVries

De handtekening van Andreas Johannes de Vries

Hun tweede dochter Elisabeth Maria wordt geboren in een huis aan de Zwaanshals. Andreas en Johanna zijn dus verhuisd naar weer een nieuwe wijk in het noorden van Rotterdam. In deze buurt zal ook Trientje Gerritsen van der Hoop opgroeien.

Johanna heeft inmiddels 4 dochters, één van Johannes Marinus de Swart, nu 6 jaar oud, en 3 van Andreas. In 1880 wordt een zoon geboren, Cornelis. In 1882 opnieuw een meisje. Zij wordt niet ouder dan 5 maanden. Dan weer een jongen die naar zijn grootvader wordt genoemd, Johan Bastiaan.

De vraag is nu hoe het staat met het huwelijk van Andreas Johannes en Johanna. Kornelis is in 1885 gescheiden van Maria Engelina de Swart, na 35 jaar getrouwd te zijn geweest. Hij woont een paar huizen van de De Vries'en vandaan in de Fabriekstraat in Rotterdam. In 1885 wordt het laatste kind geboren met de naam De Vries, mijn grootvader, Johannes Marinus. Veelbetekenend is dat hij volledig vernoemd is naar Johanna's eerste echtgenoot die op dat moment al 12 jaar daarvoor is overleden. Was Andreas Johannes de Vries al uit het gezin vertrokken? In 1890 trouwt hij opnieuw, nu met Elisabeth Maria Jagermans. Opvallend is dat Elisabeth ongeveer 53 jaar is, Andreas is 37 jaar. Het huwelijk duurt niet lang. Andreas overlijdt op betrekkelijk jonge leeftijd in 1894, 42 jaar.

Johanna de waschvrouw en Kornelis de heibaas

devries_trouwborst_1887

Zo zijn de hoofdrolspelers van dit verhaal opgenomen in het Rotterdamse adressenboek van 1887. J.M. de Vries is Johanna. C. Trouwborst is Kornelis en weduwe B. Benner is Margaretha, de moeder van Johanna.

In ieder geval scheiden ook Johanna en Andreas in 1887, op verzoek van Andreas. Kort daarop trekt Kornelis bij Johanna in. Johannes Marinus de Vries is dan 2 jaar en krijgt op deze manier een nieuwe vader, Kornelis Trouwborst. In 1888 trouwen Kornelis en Johanna als ze 59 en 40 jaar zijn.

Mijn moeder vertelde wel eens het verhaal dat zij eigenlijk Trouwborst had moeten heten en niet De Vries. Ik heb nooit iets van dat verhaal begrepen maar nu de gegevens boven water zijn gekomen wordt het duidelijker. Opa De Vries voelde zich waarschijnlijk meer Trouwborst dan De Vries. Zijn (stief)vader heette zo, zijn moeder vanaf 1888 ook, zijn kleine zusje eveneens. Mogelijk is zelfs dat Kornelis de biologische vader is van Johannes Marinus.

Dat verhaal heeft hij ongetwijfeld vaak verteld aan zijn kinderen. Trientje, zijn latere vrouw, mjin oma, heeft haar echtgenoots vader en moeder nooit gekend. Zij kon het niet nagaan. We zullen het nooit echt weten.

Epiloog

Wat gebeurt er verder?

Kornelis en Johanna schelen 19 jaar in leeftijd. Dat wreekt zich relatief snel. Kornelis overlijdt op 70-jarige leeftijd in Rotterdam in 1899. Opa is 15 jaar. Zijn moeder is dan 51.

Als Johannes Marinus 23 is trouwt hij met Elizabeth Timmers, in 1908. Zijn moeder is daar nog bij. Maar 2 jaar later in 1910 overlijdt ook zij, op 62-jarige leeftijd, na een zeer bewogen leven. Ze had in totaal 5 verschillende achternamen, kreeg 12 kinderen en had bij leven 12 kleinkinderen.

Johanna en haar moeder Margaretha hebben lange tijd van hun leven bij elkaar in de buurt gewoond. Margaretha overleeft Johanna zelfs en overlijdt uiteindelijk in 1916, op 89-jarige leeftijd.

Het huwelijk van Johannes en Elizabeth loopt niet goed. Ze krijgen weliswaar 3 dochters maar de oudste sterft binnen een jaar. De tweede wordt 9 jaar. De derde wordt uiteindelijk 23 jaar.

Johannes en Elizabeth scheiden in 1919, 9 maanden later trouwt hij met oma, Trientje Gerritsen van der Hoop. Ze hebben al een aantal jaren een relatie want hun oudste dochter, Johanna Maria, tante Jo voor mij, is hun eerste kind, geboren in 1917. Als laatste kind wordt mijn moeder geboren in 1929. Ze was een echte Rotterdamse. En door het lot ben ik ook Rotterdammer geworden. Ik ben trots op mijn roots, zeker die uit Rotterdam!

OF WILDE JE IETS ZEGGEN?

De inhoud van deze website verandert regelmatig. Natuurlijk kan er van alles mis gaan. Heb je op- of aanmerkingen? Heb je tips & tricks? Laat het me weten!

Neem contact met me op